Aan táfellllllll…

KleurenHet is 2008 en het is etenstijd. Gewoon aan tafel met het gezin, zoals dat schijnt te horen.

“Hoe was het op school vandaag?”, vraag ik. “Goed”, is het antwoord tweestemmig, kort en bondig. “En wat hebben jullie allemaal gedaan zoal?” Ik geef me natuurlijk niet zomaar gewonnen. Doorvragen is immers het motto. En vooral open vragen stellen. Krijg je veel meer informatie los. “Gerekend en op de computer”, somt het vrouwelijk addergebroed. “Ge-kleid. Met hele harde klei, soow fan soow en soow…”, vertelt de jongensversie en hij maakt voor de beeldvorming moeizaam knedende bewegingen met zijn knuistjes, die gepaard gaan met allerlei woest klinkend inspanningsgekreun, terwijl hij met zijn tong ondertussen een naar beneden druipende nummer 11 uit zijn neus probeert op te vangen.

En dat was het dan weer. “Meer niet?”, poog ik nog wat meer nieuws van de dag te ontlokken. Ik moet, als ontaarde voltijds werkende moeder toch enigszins tegenwicht bieden aan het alles in mij weg fresende schuldmonster dat ergens verscholen zit in mij en zich tegoed doet aan mijn verdorven ziel. Meer niet dus. “Ik sie, ik sie, wat jij niet siet en duh kluhhhr iiiiiz……oeranje!”, lispelt het mannetje tussen zijn fietsenrek en boerenkoolstamppot door. “Mama’s trui!”, roept het meiske. “Neej”, schudt een voor de romp nog veel te groot kleuterhoofd triomfantelijk van links naar rechts en weer retour. “Het jurkje van het meisje op de kaart?”, doet papa een poging. “Neej, neej, neej”, zingt de knul, zijn snoet nog steeds op de ‘ik weet lekker iets en jullie raten het noowjt’-modus. “De mandarijntjes op de fruitschaal”, doe ik mijn duit in het (vast een oranje) zakje. Ter plekke verzint de hummel dat het ineens inderdaad de mandarijntjes waren. Want mama is lief! Se is wel hontert keer het heelal lief!

Nu is zijn zus aan de beurt. Natuurlijk ontstaat er weer een heftige discussie want haar broertje heeft a la minute de spelregels veranderd. We gaan immers tegen de klok in dus mama is aan de beurt en hij gebaart met zijn armpje in een wijde bocht naar links. Zo dus! “Ja”, dient zijn zus hem snibbig van rebliek, “Dan ben ík toch, want mama zit naast jóu en jij weer tegenover mij?”, en daar heeft de mini-meneer niets meer tegenin te brengen.
“Ik zie, ik zie wat jij niet ziet en de kleur iiiiiiis…………rood!” Tomaten, potje nagellak van mama op de koelkast, schroevendraaier van papa op de buffetkast, de voorkant van de schoolrugzak van Tom… We komen er maar niet achter. “Zal ik het dan maar zeggen?”, vraagt Tess terwijl ze haar ogen ten hemel opslaat over zoveel stupide binnen één gezin, haar persoon buiten beschouwing gelaten. “Papa, als hij boos is!”, en met net zoveel gevoel voor humor en dramatiek als domheid, liggen we alle vier gevouwen over de tafel van het lachen om de gevatheid van het grietje.

“Ik wil, ik wil, ik wil”, kakelt Tom. “Ik sie, ik sie, wat jij niet siet….”, en hij kijkt spiedend om zich heen. Plots zie ik dat zijn oog valt op de groene klok die boven aan de muur hangt. “En duh kluhhhr iiiiiz……chroen!” Het spel gaat dit keer blijkbaar ineens weer met de klok mee, want mama mag as irste raten. Het groen in de afbeelding op de puzzle op de vloer, –die ik voor het gemak maar even jok omdat ik het niet over mijn hart kan verkrijgen zijn voorwerp nu al te raden-, is het alvast niet. Net zoals die ene overgebleven groene sok, –waar de andere is gebleven mag Joost weten, u kent het euvel-, de groene plastic opbergkist van een Zweeds bekend woonaccessoiresconcern, een groene plastic drinkbeker van datzelfde concern en het groene rietje in de roze versie. Dan valt mijn oog op de planten op de grond in de kamer. Papa roept: “De klok!” Even aarzelt mijn grote kleine man, maar dan ontkent hij in alle toonaarden.

“Ja! Ik weet het!”, roep ik dan quasi-enthousiast. “Die plant!”, en ik wijs naar een van de twee naast elkaar staande identieke ficussen voor de openslaande tuindeuren. De linkse, die móet het wel zijn, als de klok, –die het eigenlijk was-, het plotseling niet meer is en de rest van de huisraad al is geëlimineerd. “Neeeeejjjj”, schatert hij, “tie antere plant, tie is het!”
Tess is inmiddels afgehaakt en hangt ondersteboven op de bank voor de televisie. Dus de beurt is logischerwijs opnieuw aan Tom. Raten wat papa of mama aan kleurig voorwerp siet wat hij niet siet, is aan zijn kleutergeduld nog niet besteed. De situatie herhaalt zich. “Ik sie, ik sie, wat jij niet siet en duh kluhhhr iiiiiz……geew!” En opnieuw vliegen, dit keer alle gele, objecten door het luchtruim. Schuifelend en gniffelend zit hij op zijn stoel, af en toe nog een prak boerenkool fijnmalend tussen zijn melktandjes. “Sallik ut segge?”, lispelt hij met volle mond. “Ja, voor de draad ermee, wij geven het op.”

Even twijfelt hij en wat onzeker kijkt hij mij van opzij aan. “Mama…”, fluistert hij dan zachtjes in mijn oor. “Wat was de kleur ook alweer?” © JJMB TopsAan tafel

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s